Tussenruimte

Lise Surmont, Roeselare

Een ode aan mijn bonmama, die door haar ziekte zweeft in een tussenruimte van leven en dood. En aan mijn mama, die zo goed voor haar zorgt.

Vandaag neem ik je mee, besluit ik. ‘Doe je jas aan, één die tegen de regen bestand is.’
‘Waar gaan we naartoe?’
‘Naar het bos, een wandeling maken.’

Je bent blij, zie ik. We parkeren de auto. Onderweg herhaal ik waar we zijn. Ik benoem wat ik zie. Dat stelt je gerust.
‘Mag ik je arm vasthouden?’
Ze vraagt het als een kind dat opkijkt naar de lerares.
Ik geef je mijn arm en voel hoe je steunt. Je hakken glijden bij elke stap een stukje de modder in. We beleven samen een groot avontuur.
‘We zijn precies op reis. Ik zou echt niet kunnen zeggen waar we nu zijn.’
Als ik bij haar ben, dan doe ik mee met het vergeten. Vergeten van de tijd, van de plaats. Wij hier samen, dat telt.
En af en toe denk ik dat ik ze hoor, je gedachten die als visjes in een bokaal rondzwemmen en onzeker tegen de wand tikken. Dan voel ik dat je onrustig wordt.

‘Waar zijn we?’
‘In een sprookjesbos, mooi he?’
‘Een echte gezonde natuurwandeling’, glundert ze.

lise

In je helblauwe, pientere oogjes waadt een mist. Daarin houd je stand als een vuurtoren. Hoe je probeert te waken over alles wat je vergeet. Hoe je verglijdt in een ruimteloze wereld, binnen en buiten het bereikbare. Wankel op de deurdrempel. Van achteren flitsen heldere herinneringen over de koffiebranderij van vroeger. Je vertelt zo verfijnd, dat ook ik nu de koffiebonen ruik en proef als warm gruis in mijn mond. Ik voel hoe jij je bukt, de vloer vol donkerbruine korrels, en genietend handen vol graait. Samen duiken we tientallen jaren terug de tijd in.

We rusten op een bankje aan de vijver. Alsof we hier voor het eerst zijn, vertellen we in volle bewondering alles wat we zien. Bij jou laat ook ik los, genietend van het moment, dat we elke keer opnieuw intens beleven. De bloemen en bomen ken je nog goed, die heb je van je vader geleerd. Je hebt altijd een oog gehad voor het mooie en stijlvolle. Je trots blijft als een purpergewaad om je heen gewikkeld. Het duurt niet lang meer, of je wordt wakker in een ander leven en dan ben je zeker en vast een filmster.

Op sommige dagen ben je als een dwaallichtje verloren. Hoe je emoties ongecontroleerd roepen en gelijktijdig opgaan in het ijle. Al je kwetsbaarheid als kasseien in zomerzon uitgelicht, voelbaar, groeibaar. De lengte van de golven tussen ons wordt steeds groter en ik wens dat elke radar in ons lichaam hier en nu een verlengdraad aanlegt, om nog langer te kunnen blijven. Om je nog langer hier te houden. Nog dieper te kunnen praten over de grotten in ons lijf, waar zich stalactieten vormen die met de jaren mooier worden. Hoe meer jij vergeet, hoe bewuster ik her-inner. Bij jou ben ik een blanco blad. Bij jou kan ik altijd iemand anders zijn, en dat is zo’n fijn gevoel.

Als twee kleine kinderen rennen we bergaf en gieren, mijn lichaam kan alleen maar rozig voelen.

If I just lay here, would you lie with me and just forget the world?
I need your grace to remind me to find my own